Worstelend Sluiskil vecht voor haar bestaansrecht

Tekst: Peter van Kouteren. De gloriejaren uit de vorige eeuw met wedstrijden voor veel volk lijken voorgoed voltooid verleden tijd en staan bij Sluiskil voor nog slechts een handvol trouwe volgers garant voor mooie herinneringen. In schril contrast daarmee staat de strijd om het bestaansrecht, waarvoor een aantal leden met een clubhart zich inspant. Sluiskil gaat door een diep dal. Iedereen snakt naar het eind van de competitie en een frisse start van een nieuw seizoen.


De dorpsclub heeft naast tegenvallende prestaties te maken met personele problemen. Vrijwilligers die zich voor de club willen inzetten zijn schaars. Waar twintig jaar terug onder meer vijf seniorenploegen op de been werden gebracht, is het nu voor de mensen die zich met de invulling van elftallen verantwoordelijk voelen al weken soebatten om twee teams op de been te brengen. Het tweede elftal is vorig seizoen halverwege het seizoen teruggetrokken. Dit jaar hebben de reserves al diverse keren verstek laten gaan, omdat spelers van dat team moesten bijspringen om het keurkorps aan spelers te helpen.


© Peter Nicolai


Trainer Veli Eryürük, die ook volgend seizoen de selectie traint, trok onlangs zelf zijn voetbalschoenen aan om aan elf spelers te komen. Erwin de Bruin is een kind van de club en aan zijn eerste seizoen als voorzitter bezig. De 36-jarige geboren en getogen Sluiskillenaar zegt geen spijt te hebben van zijn besluit om de kar te trekken. ,,Voor het dorp heeft de club een maatschappelijke en sociale functie. Je brengt hier mensen bij elkaar. Het zou zonde zijn als dat voor de jeugd uit het dorp verloren gaat. Er zijn binnenkort weer gesprekken met RIA W. en Corn Boys. Oriënterend, om te kijken wat er bij hen en bij ons leeft. De vraag is of je bij elkaar past en of je allemaal hetzelfde doel hebt. Wij hebben alleen JO-8, -10, -11, en -14. Als club heb je je eigen trots, maar je zult een keer een drempel over moeten om in leven te kunnen blijven. Er zijn in het verleden veel jongens uit Sluiskil naar clubs in de regio uitgewaaierd, omdat er hier geen jeugdteams waren. Op het moment dat ze senior worden, blijven ze bij de club waar ze naar toe zijn gegaan. Er zijn ook nu jongens die lekker kunnen voetballen. Die willen niet blijven aanmodderen.’’


De Bruin volgde Patrick van Passel op, die zich jaren inspande om de boel op de rail te houden. ,,Dat heeft Patrick heel goed gedaan’’, vindt Bram van Houcke, die drie keer en in totaal twaalf jaar voorzitter van Sluiskil was. Hij spant zich op de achtergrond in om de club op de been te houden.


,,Voor het voetbal ga je ergens anders kijken, maar we hebben hier wel sociale contacten en praten over voetbal. Ik probeer de club te helpen, heb er de tijd voor en hoop dat mensen naar elkaar luisteren. Van Passel stond er op den duur alleen voor. Er is een paar keer een ledenvergadering geweest. Daar kwam niks uit. Sluiskil is een dorp met heel veel werkmigranten. Dat is goed voor het dorp, maar niet voor de vereniging. Er wordt niet gebouwd en zo lang dat niet gebeurt, zullen er alleen maar mensen weg gaan. In de laatste ledenvergadering heb ik gezegd: als jullie niet bereid zijn om er iets aan te doen, dan is het einde oefening. Er zijn nu zeven bestuursleden. Financieel zit het goed, de jeugd gaat goed. Nu zijn we aan het moeilijkste hoofdstuk bezig: de senioren.’’


© Peter Nicolai


Rotte appels

Erwin de Bruin zegt dat de club aan het begin van het seizoen met haar volle verstand afscheid genomen heeft van rotte appels. ,,De trainingsarbeid was minder, in de kantine werd nauwelijks iets gebruikt. Er moet bij je eerste en tweede elftal een goede sfeer zijn. Je moet oppassen dat er geen neerwaartse spiraal ontstaat. We vonden dat we beter konden voetballen met jongens die iets voor elkaar over hebben en met elkaar een biertje willen drinken. We zullen misschien wel een paar jaar onderaan in de vijfde klasse spelen, om weer te kunnen bouwen. Op dit moment is het belangrijk dat we kunnen voetballen. Ik spiegel ons aan Oostburg. En kijk eens naar Corn Boys’’, haalt hij tijdens de rust van de inhaalwedstrijd Sluiskil-Corn Boys in een onderonsje met voorzitter Ronald de Bruijne van de Sasse vereniging veelzeggend aan. ,,Die hebben ook heel magere jaren meegemaakt, maar nu een ploeg met veel jongens uit Sas van Gent.’’


De Sasse preses kent de problemen, na de leegloop van een paar jaar terug. ,,We hebben een soort taskforce gemaakt. Met allerlei mensen gezamenlijk de schouders eronder gezet. Op dit moment zit het weer in de lift. We hebben een jonge ploeg, zijn wat rijper geworden en doen fatsoenlijk mee in de vijfde klasse. Nee, voor mijn gevoel hebben we nooit zwarte sneeuw gezien. Maar we misten wel kwaliteit. Als je ervoor kiest om uiteindelijk met eigen jongens verder te gaan moet je soms roeien met de riemen die je hebt.’’


Als club blijf je wel je ambitie houden, zegt De Bruijne. ,,Wij hopen op termijn weer naar de vierde klasse te kunnen. Of ik een tip heb voor Sluiskil? Het is altijd goed om niet bij de pakken neer te gaan zitten. Ik zie bij Sluiskil zat mensen die hier al jaren lopen. Die komen niet voor niks. Dat geeft mij een warm gevoel.’’


Eén van die oudgedienden is John Schelfhout. Hij debuteerde op vijftienjarige leeftijd in de hoofdmacht, kwam daar 22 jaar in uit en maakte de beste jaren van de club mee. ,,Hoek was volop in opkomst, maar wij liepen net iets op hen voor’’, haalt hij op. ,,In het jaar dat we kampioen werden van de derde klasse, hebben we wedstrijden gehad met tweeduizend toeschouwers. Ik ben van mijn tiende jaar lid en nooit weg geweest. Wat hier nu gebeurt is een algemeen probleem en toch blijft het trekken. Ik ben geboren in Sluiskil, woon sinds 1992 in Terneuzen, maar dit is mijn clubje. Ik probeer de accommodatie zo goed mogelijk te onderhouden. Zie je die lijnen op dat veld? Een paar keer moeten schuilen in de dug-out, maar ze staan er wel hè. Dat er laatst om naar Lepelstraat te gaan vier man een half uur voor het vertrekt afmeldt, raakt me niet meer. Ik ben jaren lid geweest van de technische commissie, maar van het voetbal word ik niet warm of koud meer. Eens in de veertien dagen ga ik naar Hoek kijken, daar geniet ik van. Maar op de zondag is het hier mijn sociaal gebeuren. Er lopen hier mensen met wie je heel lang een warm verenigingsleven hebt. Dat proberen we in stand te houden.’’

0 keer bekeken

Voetbalvereniging Sluiskil
Sportpark D'n Dolse Diek
Drostlaan 11 
4541 EP Sluiskil 

Info@vvsluiskil.nl 

0115-471550

© 2019 - Voetbalvereniging Sluiskil